maandag 7 november 2011

onderzoek UvA/ASCA over seksueel geweld en religie

Graag schrijf ik jullie over het onderzoek waar ik mee bezig ben, officieel sinds 1 september dat jaar, aan de UvA, aan de Amsterdam School for Cultural Analysis.Het gaat over seksueel geweld met name in gezinnen, op straat, in scholen etc. en de betekenis van religie, toegespitst op het katholicisme aangaande dat geweld. 

Hieronder volgt een "interview met mezelf", om aan te geven waarover en waarom. Ik schreef het in mei van dit jaar.


Verkrachting indachtig.                                                                              

Waar gaat het over? Wat ga je doen?

Enkele jaren geleden las ik enkele teksten van Mieke Bal, een Nederlandse literatuurwetenschapper, en van Alice Miller, een in Polen geboren psycholoog, over de doorwerking van bijbelverhalen in de cultuur. Uitgebreid schrijven ze hoe in de literatuur en in de pedagogie en psychologie vanuit seksistische en patriarchale ideologie seksueel geweld in de westerse cultuur plaats vindt en hoe het ontkend, verhuld en gelegitimeerd en daarmee doorgegeven wordt.
Bal en Miller wijzen volgens mij ook op een offerpatroon in de cultuur: omwille van het heil van machthebbers worden andere mensen opgeofferd. Dat patroon ben ik lang geleden bij o.a. de theologen Hinkelammert en Jacob tegengekomen aangaande machtsverhoudingen in het algemeen. Danzkij Bal en Miller viel me op hoezeer dit patroon aangaande seksualiteit terugkomt in de westerse cultuur èn in de christelijke theologie. Ik wil de samenhang daartussen in kaart brengen en met de kritiek van Bal en Miller de offerideologie in de cultuur en de offertheologie in de kerkelijke leer, in de exegese en in de catechese onder de loep nemen.

Het zijn nogal wat grote woorden en vage begrippen. Wat bedoel je, waar is het je om te doen?

In de westerse cultuur - misschien in alle culturen - is er sprake van een continue machtsstrijd om van alles en nog wat en op allerlei niveau’s. Mensen strijden om economische bronnen, om geld, om het recht op een schoon milieu, om eten. Mensen worden onderdrukt, vechten om vrijheid, mensen worden gediscrimineerd vanwege racisme. Mensen knokken om wie de sterkste is, om wie de baas is, ook in kleine groepen zoals in de klas, op straat, in gezinnen en kerken en sportverenigingen. Maar al deze tegenstellingen zijn ook van oudsher gekleurd door de tegenstelling man – vrouw en volwassnenen – kinderen.
Wetenschappelijker gezegd, belangen en tegenstellingen aangaande economie, rassen, vrijheid, milieu etc. hebben steeds een seksistische en patriarchalistische component. Daarom werden en worden vrouwen verkrachtm, kinderen misbruikt.
Of anders, als je me vraagt waar het me om te doen is, steeds duidelijker wordt het gegeven dat in Nederland 12 % van de vrouwen ooit verkracht zijn. Zo staat het in het Rutgers-Nisso rapport van 2009. Steeds duidelijker wordt het dat het om veel meer mensen gaat dan we dachten, en dat het om een structureel gegeven gaat.  In een ander onderzoek wordt gezegd dat 40 % van de meisjes voor hun 16e jaar met seksueel geweld te maken hebben gehad. Verkrachting en seksueel geweld naar met name vrouwen en meisjes toe vormt een structureel gegeven in Nederland en in de westerse cultuur.
Dat geldt natuurlijk ook andere landen en andere culturen. Het is niet specifiek westers. Maar wel is helder dat er vanuit het westen, en dat is verbonden met de economische machtsverhoudingen, vrouwenhandel plaats vindt, dat westerse “toeristen” kinderbordelen bezoeken in landen als Thailand en Cambodja. En dat westerse – en niet-westerse – politieke machthebbers hun positie misbruiken en daar soms ook prat op gaan: ze komen zo “mannelijk” over.

Ok, maar wat heeft dat nou met religie te maken?

Allereerst, religie, theologie, kerken etcetera. Deze instellingen maken deel uit van de cultuur. Net zoals in voetbalclubs en andere vrijetijdsverenigingen vindt misbruik ook hier plaats. En net zoals voetbalclubs moeten ook kerken hun verantwoordelijkheid nemen.

Je wilt toch niet beweren dat religie en voetbal schuldig zijn aan seksueel misbruik omdat er in clubs en kerken seksueel geweld plaats vindt?

Op z’n minst, als het zo is dat seksueel geweld een structureel gegegeven is in de cultuur, dan is die cultuur schuldig aan dat geweld, zeker als ze het ontkent, verhult en legitimeert. Voetbal en religie maken onderdeel uit van die cultuur en dienen zich dus van hun verantwoordelijkheid bewust te zijn. Maar met religie is iets meer nog dan met voetbal aan de hand.
Religie is niet alleen onderdeel van de cultuur, religie heeft de cultuur ook van oudsher mede gevormd. En ook, het opofferen van mensen alsmede het ontkennen, verhullen en legitimeren ervan is een religieus gebeuren. Of mensen nu opgeofferd worden aan een godheid of aan een ander belang, er gebeurt iets absoluuts wat tevens verdonkermaand en goedgepraat wordt. Dit offeren en het absolute karakter ervan alsmede het gedoe eromheen, het wegpraten of het vinden van drogredenen, dat alles wijst op religie.

Je hebt wel een zwart beeld van religie.

Ik denk dat juist vanuit de christelijke traditie religiekritiek een kostbaar gegeven is. Ik geloof in de kostbaarheid en uniciteit van elke mens, als “gloria Dei”, zoals de kerkvader Ireneus het zegt. Of, zoals Jezus steeds wijst op de verantwoordelijkheid voor en van mensen als verantwoordelijkheid voor God. En daarbij doelde hij ook op mensen die met  een heersende ideologie andere mensen stuk maken. Hierin spreekt de oude offerkritiek van Exodus door, de kritiek op het gouden kalf. Religiekritiek is een oud goed in het christelijk geloof.
Het is mij er niet om te doen de kerken en de religie in de beklaagdenbank te stoppen. Maar juist de christelijke religie heeft hier, gezien haar opdracht, een zware verantwoordelijkheid die ook haarzelf treft daar waar ze zelf patriarchaal, seksistisch is en bijdraagt aan het onteren van mensen en dus van God, om het vanuit haar traditie te zeggen! Niet omdat het me om God gaat, het gaat God juist om mensen!

Dus heb je God niet nodig, hoef je geen theoloog te zijn hier?

Nee, je kunt ook zeggen, omdat mensen andere mensen menen te mogen ontmenselijken, is er iets aan de hand dat het menselijke betreft. Maar dat betreft wel, wetenschappelijk gezien, religie, het is een religieus gegeven. En daar heb je theologen voor, om dat te achterhalen. Hoewel, soms zijn schrijvers en filmmakers daar beter toe in staat.

Is dat zo, is dan geen achterhaalde pretentie uit de tijd van zoiets als christenen voor het socialisme en andere ideologiekritiek uit de jaren 1970, 1980? 

Misschien heb je gelijk. Maar niet alles van toen is achterhaald! En nogmaals, het gaat om het structureel gegeven van seksueel misbruik, het gaat me om concrete mensen. En mensen doen andere mensen iets absoluuts aan met een absolute pretentie in naam van iets absoluuts, hun absolute recht op machtsuitoefening.
Nou, dat is niet anders volgens mij dan religieus te duiden. En dus uiteindelijk onderwerp van religie-studie. Ook als het woord God er niet bij valt, bij deze gebeurtenissen. Dat heb ik wel opgepikt van theologen uit die tijd, zoals mijn leermeesters Schillebeeckx en Van Leeuwen.
En nog iets, als dat dan nog eens met behulp van expliciet religieuse teksten, zoals bijbelverhalen en catechismussen mensen zich het recht toeeigenen anderen te mishandelen, ja, dan is er iets meer aan de hand. Niemand zal, denk ik, zeggen dat je op grond van de sport vrouwen mag verkrachten. Maar dat gebeurt wel in naam van de religie.
Samengevat, er zijn verschillende redenen om vanuit de theologie hier mee bezig te zijn. Allereerst het gebeuren zelf, dan het offer- en verdringingskarakter (de ideologie) van het gebeuren, ten derde de motivaties die vanuit religieuze, hier christelijke en katholieke teksten gegeven worden.  
Anders gezegd, als mensen anderen ontmenselijken, dan is er iets religieus aan de hand. Als met name westerse, blanke mannen andere mensen onteren omdat de macht daartoe hebben, de positie, het geld, en daarbij menen het recht te hebben omdat ze die macht hebben, omdat ze vader of broer zijn, man zijn, blank en westers, met een dikke portemonnaie of veel spieren, dan is er dus iets religieus aan de hand. Als dat dan ook nog eens gepaard gaat met een bewust of onbewust beroep op bijbelse en kerkelijke teksten en gewoonten, dan is er dus in driedubbele zin iets religieus aan de hand.
En helemaal als dat dan nog in kerkelijke context, in protestantse of katholieke gezinnen, parochiegebouwen, catechesatielessen, internaten gebeurt.

Maar wat heeft dat nou met het offer van Christus te maken?

Op al deze “religieuze” aspecten hebben Bal en Miller me gewezen. En daardoor ben ik gekomen op een thema waar ik al eerder bezig mee was, het offerthema. Ik onderzocht het thema in een eerdere studie naar de samenhang tussen economie en religie. Dat onderzoek heeft voor mij veel opgeleverd, ook artikelen, maar uiteindelijk liep het stuk; ook omdat ik 7 jaar geleden met een vredesonderwijsproject in Polen begon. Maar de belangstelling ervoor bleef. En in Polen heb ik een lezing gegeven over het verhaal van Abraham en Isaak waarbij het ging over de vraag in hoevverre in dit verhaal het misbruik van kinderen veronachtzaamd wordt. Ik ging hierbij uit van de al genoemde Hinkelammert en met name Jacob. Dat verhaal van Genesis 22 heeft een grote betekenis voor het christelijk offerverhaal. Daarin zegt men dat Christus zich  heeft laten kruisigen, of zoals het ook wel wordt gezegd, de Vader heeft zijn Zoon prijs gegeven opdat de mensen vrijgekocht worden van de zonden. 
Ik wil nu nagaan in hoeverre de christelijke offertheologie, zoals verwoord in de rooms-katholieke leer en katechese, mede verantwoordelijkheid draagt voor het seksueel misbruik van met name vrouwen en kinderen in de westerse cultuur. En ik wil nagaan of er alternatieven zijn om die leer eventueel zo te formuleren dat de verantwoordelijkheid genomen wordt en er geen sprake meer is van seksisme en patriachalisme in die teksten.

Seksisme in bijbelteksten?

Met name toen ik met de kritiek van Mieke Bal over Richteren 19 het internet op ging schrok ik. Zo vaak komt bijv. kritiek op homoseksualiteit terug als argument om het maar niet over vrouwenverkrachting te hoeven hebben.

Hoe bedoel je?

In Richteren 19 gaat het over de verkrachting van een vrouw door een horde mannen. De vrouw om wie het gaat verblijft met haar man in een herberg. Buiten wachten de mannen die eerst aangeven de man te willen verkrachten. Dat vindt de herbergier zo erg dat hij zijn dochter aanbiedt. 
Ga je zoeken op internet, dan schrik je je lam. Zoek maar eens met de trefwoorden “homoseksualiteit richteren 19“. Maar niet alleen op internet, ook in veel gedrukte commentaren wordt dan gezegd dat, om het grotere kwaad van homoseksualiteit af te wenden, een minder kwaad daar tegenover gezet wordt: het verkrachten van een vrouw.
Daarbij, als je de kritiek van Mieke Bal op de vertaling van Richteren 19 leest, en merkt dat die kritiek niet gerecipieerd is in de exegese en bijbelvertalingen, dan word je echt kwaad. Die vrouw uit Richteren 19 wordt in het begin al aangeduid, in de Nederlandse teksten, als hoer, of als bijvrouw. Bal maakt aannemelijk dat het oorspronkelijke woord wat hier staat een vrouw betreft uit een cultuur waarin de vrouw na haar huwelijk bij haar vader blijft wonen. Het hele - gruwelijke - verhaal van Richteren 19 betreft een botsting tussen deze cultuur en de cultuur waarin de vrouw na het huwelijk bij de mand komt te wonen.  Nu, hier gaat het me om de verantwoordelijkheid van de kerken die met deze verhalen en vertalingen dit seksisme doorgeven.

Dat geldt alle kerken! Waarom nu de katholieke kerk?

Ik moet me beperken. Maar ben ook katholiek en katholieke katecheet, dan pak ik die handschoen ook graag op. Daarbij, de verlegenheid als je dat zo zou mogen noemen in de katholieke kerk is erg groot als het om seksualiteit gaat. Enerzijds dat gehamer op abortus, euthanasie en homoseksualiteit als tekenen van de duivel, en anderzijds het misbruik van kinderen en jongeren in de kerk, dat is wel erg opvallend. In de hele wereldkerk, in Nederland en zeker in Polen, waar ik vaak kom. Daar is het helemaal, als het om misbruik gaat, en een taboe en een structureel gegeven. En juist in de offertheologie van die katholieke kerk, die in een aantal aspecten echter niet zoveel verschilt van de offertheologie van andere kerken, vind ik een samenballing van al deze thema’s terug.

Hoezo?

In de Katechismus van de Katholieke Kerk wordt te uit en te na gewezen op de heilsbetekenis van Jezus Christus. Hij heeft zich geofferd en daarmee ons vrijgekocht van de oerzonde, begaan door Adam en Eva. En Maria, de moeder van Jezus, is “onbevlekt ontvangen” en vrij van alle smet en daarom in staat de Moeder Gods te zijn. Jezus is de nieuwe Adam en Maria de nieuwe Eva.
Het is niet moeilijk om de patriarchalistische en seksistische geschiedenis van deze theorie te duiden. En als je dan leest hoe dit terug komt in populair catechetisch materiaal en kinderbijbels maar ook allerlei teksten die vanuit Rome komen, ja, dan snap je Canetti’s bewering dat na elke start van een religie de missie daarvan verandert van een heilsboodschap naar een inzet voor het behoud van de macht van die religie.

Wat zeg je nou weer?

In veel activiteiten rond de eerste communie, met alle respect voor de intenties van ieder die er mee bezig is in parochies, zie je dat kinderen niet serieus genomen worden en dat van de verhalen van en over Jezus slechts een braaf aftreksel verteld wordt, gericht vanuit die offertheologie, op de sacramentenleer en de machtsaanspraak van de clerus daarin. Dat is zo “veruiterlijkt”, ik bedoel juist in de uiterlijkheid ervan zichtbaar. Juist in Polen. Maar ik hoor hier ook verhalen over misbruik, waar niemand wat aan kan doen, omdat meneer pastoor toch niet aangevallen kan worden.
Canetti zegt in “Massa en macht” dat religieuze bewegingen, na hun begin, als ze langer gaan bestaan, niet meer gericht zijn op waar het hen in het begin om te doen was, maar om met voortbestaan van zichzelf als instelling, als instituut. Nou, dat zie je!

Je wilt het ook over literatuur hebben?

Nou ja, niet zomaar “ook”, om er iets leuks bij te halen. Ik denk dat juist de literatuur en de film meer in staat zijn om wel te zeggen waar het om gaat, om daar steeds bezig mee te zijn. Volgens mij is vind je daar echte theologie, reflectie op wat zich echt afspeelt in het leven van alle dag, in het geknok om overeind te blijven... Literaire teksten geven, daarom heb ik het ook over in mijn onderzoek, tegenwoordig veel sterker dan theologische teksten, de nodige religiekritiek. Schrijvers verwoorden vaak veel beter dan de theologie aan waar het om gaat. Kerken en theologen zijn toch teveel met zichzelf bezig, onder het mom van dat ze met het belang van God bezig zijn, dat denk ik wel eens, en ik reken mezelf ook tot zo’n theoloog. En juist door dat gefixeerd zijn op God los te laten, komen zij dat waar het om gaat tegen en zijn in staat daar iets van weer te geven.

Wat is je eigen betrokkenheid bij dit alles?

Allereerst, hoe meer ik met het thema van seksueel geweld en religie bezig ben, hoe meer ik denk aan de mensen om me heen en aan mezelf; ik ervaar hoezeer ik zelf deel uit maak van de cultuur en de westerse cultuur en de machtspatronen in mezelf als man. Maar ook verhalen van mensen om me heen, hoe die met seksueel geweld te maken hebben, maken me betrokken.
En ten tweede mijn werk in Polen. Hier vertel ik verhalen van mensen die de dupe waren van totalitarisme, racisme en nationalisme in de periode 1933 - 1989, o.a. over Anne Frank en organiseren we workshops enzo over actuele discriminatie. Nadat ik enkele boeken van Miller en Bal gelezen had besefte ik dat je niet over geweld vanuit WOII of over racisme kunt spreken als je niet verdisconteert dat er in de klas geweld plaats vindt, als je je niet realiseer dat veel kinderen thuis met geweld - niet alleen seksueel geweld - te maken hebben, gediscrimineerd worden als kind, als vrouw. Als je dat in je werk en in je materiaal niet op een of andere manier kunt opnemen, gaat wat je zegt het ene oor in en het andere uit. In Nederland ben ik betrokken bij de Korczakstichting en daar houden we ons o.a. met het geweld naar kinderen bezig. In 2002 was er het aantal van 80.000 kinderen per jaar dat mishandeld wordt. Nu is bekend dat dat getal erg bijgesteld wordt. Maar ik was er al lang mee bezig.
Bovendien, vaak merkte ik dat hier in Wrocław na mijn les op een of andere school leerlingen godsdienstles kregen en moesten horen hoe zondig homoseksualiteit wel niet was.
Dat dreef me ertoe meer na te denken over waar ik eigenlijk mee bezig was. In Polen is het aantal seksueel geweldsmisdrijven in gezinnen schrikbarend hoog maar de ideologie van het gezin bemoeilijkt de aanpak daarvan. En de kerk speelt hierbij een monopoliserende rol.

Denk je dat je onderzoek hier wat aan verandert?

Ik ben geen Don Quichot, nee, dat hoop ik niet. Maar ik heb wel mijn verantwoordelijkheid te nemen. Ik hoop met mijn onderzoek en met artikelen erover  collega’s, o.a. in Nederland en Polen, catecheten en theologen uit te nodigen na te denken. Dat vraagt om voorzichtige, in ieder geval verantwoorde bewoordingen. Maar zonder om de hete brij heen te draaien. Niet meer dan dat... Ja, en ik wil voor het vredeseducatief werk deze studie verrichten, om beter educatief materiaal voor leerlingen en docenten te maken.
Alles wat je kunt doen om dit geweld tegen te gaan is meegenomen. Maar ik merk dat er nog iets anders meespeelt.
In de kerken, en met name in de katholieke kerk, is het erg lastig om aan te geven waar we voor staan. We zijn verdeeld. Niet zozeer gaat het over protestanten, katholieken, orthodoxen, maar over, nou ja, die vraag van Canetti. Kan de kerk nog een bevrijdende, kritische betekenis hebben in de samenleving? Kunnen we onze verantwoordelijkheid ten opzichte van slachtoffers nog wel nemen? Of trekken we ons op onszelf terug, met een boekje in een hoekje, met het gezicht richting Jeruzalem? Waar is het ons om te doen, uiteindelijk, en hoe kunnen we dat verwoorden terwijl we de kritiek van de slachtoffers serieus nemen?










Geen opmerkingen:

Een reactie posten